De Amerikaanse politicoloog Robert Putnam blijkt met veel cijfers en wetenschappelijk onderzoek aangetoond te hebben dat de afgelopen decennia het Amerikaanse verenigingsleven uiteengevallen is, en dat het individualisme toeneemt.
Mensen lijken minder geneigd anderen op te zoeken en met hen te babbelen. Ze zitten gewoon veel langer voor het televisietoestel. Dit werkt de antipolitiek in de hand: televisie isoleert mensen van elkaar, het brengt hen niet nader tot elkaar. Bovendien blijkt (...)
Johny Lenaerts baseert zich op socioloog-filosoof Henri Lefebre om te komen tot een pleidooi voor echte betrokkenheid van de stedelingen bij wat er gebeurt in hun leefomgeving. Dit artikel verscheen in Aktief, Nr. 3, 2004, 22-26.
Sociale ecologie is een totaal nieuwe politieke filosofie maar - zoals haar belangrijkste theoreticus Murray Bookchin herhaaldelijk heeft benadrukt - met stevige wortels in zowel de revolutionaire en democratische traditie als in de dialectische traditie. Wij beschouwen de sociale ecologie als de cumulatieve ontwikkeling van deze tradities. Als dusdanig levert het ons een coherent kader op om de maatschappij te begrijpen en om haar te veranderen - in de richting van een libertair (...)
In zijn grauwe toekomstroman ‘1984’ voorzag George Orwell dat de wereld zou verdeeld zijn in drie grote superstaten. Zij zouden met elkaar op voet van oorlog staan. Maar deze oorlog is echter niet meer de wanhopige, alles-vernielende strijd die hij was in de eerste decennia van de twintigste eeuw.
Het is een oorlogvoeren met beperkte doelstellingen tussen tegenstanders die niet in staat zijn elkaar te vernietigen, die geen materiële reden hebben om te vechten en die niet verdeeld zijn door (...)
Na de grote woelingen van de jaren 60 en 70 waren de jaren 80, die van het liberale contra-offensief, gekenmerkt door een negatie van de ’sociale kwestie’. De klok stond naar de triomferende economie (van de markt) en de veroverende (institutionele) democratie.
Sedert enkele jaren is het decor veranderd.
De grote stakingsbeweging die Frankrijk in november-december 1995 gekend heeft, luidde een kentering in. Op enkele dagen tijd kwamen honderdduizenden op straat om de intrekking van het (...)
Subcommandant Marcos, de leider van de Mexicaanse Zapatistas, heeft soms goede ideeën. In een recent artikel, Het liberale fascisme (1), vergelijkt hij de wereld met een reuzegroot scherm, met de burger als toeschouwer. ‘De hele wereld en de universele kennis liggen door middel van de televisie of de draagbare computer binnen ieders bereik,’ zo stelt hij vast. Om daar onmiddellijk aan toe te voegen: ‘Ja, maar niet om het even welke wereld, niet om het even welke kennis.’
Men zou de huidige (...)
Dit artikel is een ingekorte versie van het hoofdstuk ‘Over tegenmacht’ dat werd gepubliceerd in Esperanza!, 2003, p. 482-511.
Waren ze met 100 000 ? Met 120 000 ? Eens zoveel als in Seattle? Hoe dan ook, het was een immense menigte die op 30 juni en 1 juli in Millau (het zuiden van Frankrijk) hun steun was komen betuigen aan José Bové en zijn 9 medestanders van de Confédération Paysanne in de rechtszaak die tegen hen aangespannen is.
Op 12 augustus 1999 had een groep van 300 landbouwers van het Syndicaat van geitenmelkproducenten en van de Confédération Paysanne een ludieke actie ondernomen: zij ‘demonteerden’ een (...)
Op 23 oktober viert Arthur Lehning zijn honderdste verjaardag! Eerder dit jaar kreeg hij de P.C. Hooftprijs 1999 voor beschouwend proza. Een reden te meer om in dit nummer de uitgever van het verzameld werk van Michael Bakoenin en befaamd geschiedschrijver van de anarchistische gedachte onder de aandacht van het Vlaamse publiek te brengen.
Ik had het geluk in 1979, samen met twee Nederlandse vrienden, een interview van Arthur Lehning te mogen afnemen. Vanaf die dag dateert mijn respect - en (...)
Geen enkel vrij mens zal het begin van 1984, de onrustbarende profetische roman van George Orwell uit 1948, vergeten zijn. De hoofdfiguur van het boek, Winston Smith, komt op ‘een heldere koude dag in april’ bij hem thuis en ziet ‘een gekleurd aanplakbiljet, te groot om binnenshuis te hangen, tegen de muur bevestigd. Er stond alleen maar een reusachtig gezicht op, meer dan een meter breed: het gezicht van een man van ongeveer vijfenveertig jaar, met een zware zwarte knevel en gelaatstrekken (...)
Wij zijn teruggekomen van Kopenhagen met bakken hoop en energie. Het was vreemd om vast te stellen dat degenen die de klimaattop vanop een afstand volgden, hem beleefd hebben als een catastrofe. Vele deelnemers waren zo gedegouteerd door de stompzinnigheid en onverantwoordelijkheid van de ‘men in power’, dat ze niet zagen dat deze tragische farçe én de eendrachtige actie van netwerken van basisbewegingen, een nieuwe politieke ruimte schiep in dewelke echte oplossingen wel een (...)
De Zuid-Afrikaanse dichter, schrijver en schilder Breyten Breytenbach heeft een nieuw boek geschreven. ‘Notes from the Middle World’ zal in het najaar verschijnen; recent verscheen een Franse vertaling onder de titel ‘Le Monde du milieu’, dat we voor u lazen.
Dit artikel van Sylvain Cypel verscheen in Le Monde van 26 september 2009. Vertaling: Johny Lenaerts.
Dit stuk van Alain Badiou werd vertaald door Piet Joostens, uit ‘Circonstances, 2’, Ed. Léo Scheer, Paris, 2004. (Een eerste en kortere versie van dit essay verscheen op 22 februari 2004 in de krant Le Monde. De vertaling van die eerste versie werd reeds gepubliceerd in ‘De Groene Amsterdammer’, nr. 19, 8 mei 2004.)
Guy Debord is een helse machine die moeilijk te ontmijnen is. En toch heeft men het geprobeerd. En probeert men het nog steeds. Men probeert hem te neutraliseren, te verzachten, te esthetiseren, te banaliseren. Niets helpt. De dynamiet blijft erin en riskeert te exploderen in de handen van degenen die het willen ontmijnen.
René Schérer en Giorgio Passerone hebben een boek over Pasolini gepubliceerd, onder de titel ‘Passages pasoliniens’. De Franse vrije zender Radio Libertaire interviewde één van beide auteurs over de Italiaanse cineast, dichter, schrijver, homo en activist. Johny Lenaerts vertaalde.
We leven in een tijd die door Marx gekenmerkt werd als een tijd van algemeen verval, van universele koopbaarheid. En nu schildert ons Elvis Peeters, in zijn nieuwste roman ‘Wij’, een vriendengroepje – vier meisjes, vier jongens – dat een seksbedrijfje ontwikkelt, waar we op microschaal de hedendaagse wereld in kunnen herkennen.
Nieuw aan deze crisis is dat niemand de schuld aan de werklozen geeft. Niemand klaagt erover dat ze te lui zijn. Niemand verlangt dat ze asperges steken. Niemand beweert dat ze te veel geld van de staat ontvangen. De laatste keer was dat anders. Ook in de jaren 2002 tot 2005 kende Duitsland een zware crisis. Het aantal werklozen lag haast bij de vijf miljoen, veel hoger dan nu, in de talkshows stelden de moderatoren steeds weer dezelfde vraag: Waar is het aan te wijten? Waarom gaat het het land zo slecht?
De Duitse schrijver Alfred Döblin geeft een beeld van de economische crisis van de jaren dertig, dat, in het licht van een aantal recente gebeurtenissen, erg vertrouwd overkomt.
Peter Watkins is één van de grootste én meest miskende filmmakers van het moment, die met ‘Edvard Munch’ bakens verzet heeft. “Geniaal!” noemde Ingmar Bergman het. “Een meesterwerk, wellicht de mooiste film die er ooit over een schilder gemaakt werd,” schreef Le Monde.
0 | 10
